Jubilea

 Startpagina Vorige

----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

                  Jarigen - briljant - diamant - goud

        - Jubileum van Luc Wouters

        - Gouden priesterjubileum van Gerard Sergier

        - Gouden priesterjubileum van Toon van den Velden

        - Gouden priesterjubileum van Boni Van Looveren

        - Gouden priesterjubileum van Arnold Dominiek Desplentere

        - Gouden priesterjubileum van Georges Verhaeghe

        - Goud voor broeder Xavier

        - Goud voor broeder Hugo, broeder Klaas, broeder Paul en broeder Norbert

        - Jubileumviering broeder Klaas Blijlevens op 4 augustus 2013 te Ieper

        - Jubileumviering broeder Paul Seghers

        - Gouden priesterjubileum medebroeders in 1964 gewijd

 

 

Jubileum van Luc Wouters, 3-7-11.

Die zondag, 3 juli, mochten wij in het bijzijn van een overvolle kerk gedenken en vieren dat we 50 jaar geleden te Izegem door de handoplegging van Mgr. Catry, gewezen bisschop van Lahore, Pakistan, tot priester werden gewijd. Het was een diep doorleefde feestelijke viering. De gezangen en gebeden samen met de aanwezigen klonken fantastisch. Het gelegenheidssermoen door P. Jan Wouters werd aandachtig beluisterd. De viering werd afgesloten met de schoolkinderen die 50 witte rozen hadden meegebracht. De receptie was overdonderend. Even later was het tijd om familie en vrienden aan de feesttafel te verwelkomen. Tussenin kwamen natuurlijk de toespraken. P. Jan Geerts, de vicaris, had inspiratie gezocht in de Fioretti van St. Franciscus en kleurde zijn toespraak aan de hand van een mooie bloemlezing. Ik laat je allen mee genieten van zijn mooi verhaal.                    P.Luk.

     In een boekje, rond het jaar 1380 geschreven, I Fioretti, bloemkens, een boek vol verhalen over Sint Franciscus, wordt het volgende verteld: Masseo, een heel goed predikant, werd wat onzeker over zichzelf en daardoor jaloers op Franciscus: want als die ergens kwam, kwamen de mensen op hem af. En ze luisterden ook liever naar Franciscus dan naar hem. Dat kon Masseo niet goed hebben. En begreep dat niet. Daarom wilde hij Franciscus eens testen om zijn nederigheid, of liever, hem op dat punt eens echt door de mand zien zakken; met een stekelige vraag: “Franciscus, gij zijt niet welsprekend. Gij zijt niet geleerd. Gij zijt niet mooi. Gij zijt maar van heel gewone afkomst. Waarom dan loopt de hele wereld U dan toch achterna?”

     Luk, heel de wereld loopt je nog niet achterna. Dat zal pas na uw heilig-verklaring gebeuren.

Maar nu alvast stel ik mij ook de vraag:

Waarom schrijven zich direct zoveel mensen in voor een bedevaart naar P. Pio, of naar Lourdes als zij weten dat gij meegaat?

Waarom vragen er zoveel mensen uit België en Nederland u voor een doop, voor een begrafenis, voor een jubileum mis?

Waarom toch hebben de leerkrachten van de niet-katholieke school graag dat ge daar zo maar eens binnen stapt?

Waarom roepen de kinderen, die u zien, al van ver: “He, pater Luk!”

Toch niet meer om uw jeugdige schoonheid?

          Ja, Luk, gij trekt, gewild of ongewild, mensen aan.

Uw blijmoedigheid, uw spontaneïteit, uw ongekunstelde vrijmoedigheid en directheid, uw eenvoud, uw goedhartigheid doorbreekt alle afstand. Gij schept gezelligheid rondom U. Gij kunt vriendschap voor U echt ontvangen.

Gij oordeelt en veroordeelt niet vlug andere mensen. Zoals gij gewoon Uzelf bent, helpt gij anderen dit ook te zijn.

Gij zijt een vrije, blije vogel met veel daadkracht en levensmoed, die van het leven en van de mensen houdt, en hebt niet liever dan dat anderen dit ook doen.

Waarom…. Ja.

En waarom vroeg men U hier al zo dikwijls om de leiding te nemen van onze fraterniteit?

Waarom vroeg men U ook eens om als definitor toe te treden tot het provinciebestuur?

Bij deze taken komen die persoonlijke kwaliteiten die ik noemde heel goed van pas. En dikwijls denk ik: wat hebben we geluk met een gardiaan die ons zoveel ruime geeft om ons geweten te volgen! Wat hebben we geluk met iemand die zoveel daadkracht heeft, die zoveel praktische en materiële problemen direct kan en wil oplossen. Wat had bijvoorbeeld Br. Xavier geluk toen gij meteen krachtdadig en doeltreffend ingreep toen hij een hartaanval kreeg?

Wat hebben wij geluk met iemand die ons de mooie kant van het leven doet zien en die in veel opzichten ons, oude mensen, een goed tegenwicht biedt!

          Luk, om uw pastor zijn, uw herder zijn van Meersel-Dreef (het dorp waarmee gij U altijd verbazend sterk identificeert) en al evenzeer van in onze frateriteit, verdient het dat ik in naam van de fraterniteit deze weinige verbale bloemkens, fioretti, aanbied.

Ik ben blij dat gij dit alles nu eens geduldig wilt aanhoren. Met deze daad van ‘gehoorzaamheid’ wil ik U feliciteren.

En ik eindig met dezelfde woorden waarmee de schrijver van I Firoretti steevast elk van de verhalen afsloot: “Tot lof van Christus. Amen.”

Moge Christus en Franciscus U bij dit pastor zijn steeds inspireren

Jan.

Uit VOX  Minorum jg. 65, nr. 3, juli - september 2011

 Gouden Priesterjubileum van Gerard Sergier op 15 augustus in Meersel-Dreef.

Op 15 augustus vierde onze medebroeder Gerard Sergier zijn gouden priesterjubileum met een mooie eucharistieviering in de namiddag.

Er bereikte ons geen verslagje van dit jubileum. We weten wel dat br. Gerard aan Jan Wouters gevraagd had om de homilie te houden. Hij mocht daarin niets zeggen over de persoon van de gevierde maar hij kreeg de wenk om iets te zeggen “over de spiritualiteit van een franciscaan-kapucijn-priester”. En zo gebeurde.

Omdat wij allen inspiratie kunnen vinden in de homilie van Jan, geven we ze hier weer.

 

Beste medebroeder Gerard,

Beste medebroeders, familieleden en vrienden van de jubilaris,

Toen br. Gerard me enkele weken geleden vroeg te preken in de eucharistieviering van zijn gouden priesterjubilee, voegde hij er aan toe: ‘En ik zou willen dat je niet over mij spreekt.’ ‘Graag wil ik dat je ons iets zegt over de spiritualiteit van een franciscaan-kapucijn- priester’.

Daar stond ik dan. ‘Niets over hemzelf’!

Maar onmiddellijk viel me te binnen: Eigenlijk maakt hij het me wel gemakkelijk. Want Franciscus heeft een duidelijke opvatting over ‘eucharistie’ en ‘priester-zijn’, die ons kan inspireren tot een vruchtbaar pastoraal leven. En daarover een preek houden past bovendien bij het feest van Maria dat wij uitgerekend vandaag mogen vieren.

Nu dan:

Onze stichter Sint Franciscus was zelf geen priester. We mogen aannemen dat hij wel diaken was. Misschien vond hij zich niet waardig priester te zijn. Want een priester beschouwde hij als iemand met een uitzonderlijke opdracht. Hij is iemand die Jezus ter wereld brengt.
Franciscus zag het leven van een priester dus in een ‘mariale functie’. Zoals Maria in haar schoot Jezus ontving, Hem bewaarde en koesterde, en Hem na 9 maanden ter wereld bracht ten dienste van de mensen, zo doet ook de priester in elke eucharistieviering. Tijdens de mis ontvangt hij Jezus. Hij bewaart Hem en spreekt tot Hem. En brengt Hem bij de mensen in de communie.

Maar hij moet dit niet alleen in de mis doen. Heel zijn leven moet mariaal zijn. In het sacrament van de priesterwijding ontvangt hij zijn Zaligmaker. Hij gaat met Hem om; in zijn gebed onderhoudt hij zich met Hem voortdurend. En hij brengt Hem bij de mensen in zijn omgang met hen en in heilige werken. Heel zijn leven doet hij eigenlijk wat hij op een heel intense wijze doet in een eucharistieviering: Jezus ontvangen, in zich dragen en ter wereld brengen ten bate van de medemensen.

Eigenlijk verwacht Franciscus deze manier van leven van elke gedoopte, van elke christen dus. Maar voor de priester geldt dit meer dan voor anderen.

Franciscus wordt vaak een ‘eucharistische heilige’ genoemd.

Ik las onlangs dat alle grote periodes van de Kerk, periodes waren van vurigheid voor de eucharistie. En dat alle periodes van verval en moeilijkheden, periodes waren waarin men de eucharistie vergat.

Welnu, Franciscus leefde in een tijd waarin de aandacht voor de eucharistie volop in ontwikkeling kwam. Er werd een concilie over gehouden (waar Franciscus waarschijnlijk aanwezig was), en er waren heiligen die vooral gekend waren voor hun eucharistische vroomheid. Ik noem slechts enkele tijdgenoten van hem: Juliana van Cornillon, Lutgardis, Clara. Zij legden, zoals Franciscus zelf, in hun religieus leven de klemtoon op de innerlijke beleving, op de omgang met Jezus in de eucharistie.

Dit bracht een nieuw élan mee in de mystiek en de beschouwing.

Franciscus zal deze weg van persoonlijk omgaan met God, met Christus, zelf ten diepste beleven. Hij zal die ook aanprijzen bij zijn broeders. Het gezamenlijk gebed bleef belangrijk in zijn broederschap. Maar de innerlijke beleving was noodzakelijk. Want in het dagelijks spreken met de Heer kon de blijde boodschap groeien die de priester (en elke broeder en christen) moest verkondigen in zijn daden. Wij lezen over hem dat hij tijdens de eucharistieviering zich heel verbonden voelde met wat er gebeurde op het altaar. En na de mis zat of liep hij dan biddend na te denken over wat hij daarin gehoord en gezien had, uren lang, heel de dag door soms. Heel zijn dag werd dan één uitgesponnen eucharistieviering. Zo beleefde hij het.

Zijn verkondiging ontsproot op die manier uit een diepe en stille beleving van een grote vriendschap met de Heer.

Maar Franciscus zocht daarin geen groot vertoon. Ook hierin was hij mariaal. Zoals Maria zei ook hij: ‘Zie de dienstmaagd des Heren’. In dienende liefde wilde hij op de eerste plaats het evangelie verkondigen door zijn daden. Op deze manier bracht hij Jezus bij de mensen.

Wij lezen dat hij melaatsen ging wassen in de leprozerieën. Dat hij de bijbel van de gemeenschap verkocht om eten te geven aan een uitgehongerde vrouw. Dat hij zijn mantel weggaf aan een schaars geklede man in de sneeuw… Dàt was zijn eerste manier om de Jezus van het evangelie bij de mensen te brengen. Dat had meer effect dan mooie woorden. Niet dat hij daardoor wilde opvallen. Maar deze daden waren het natuurlijk gevolg van zijn innerlijke omgang met de Heer. Het brood van de eucharistie maakte hem meer gelijkvormig aan Jezus en hielp hem om te leven zoals Jezus het heeft voorgedaan.

En die levenswijze prees Franciscus aan bij de priesters. Hij verwachtte van hen dat zij niet alleen ‘broeder’ waren van hun medemensen. Maar tevens ‘moeder’, zoals Maria. D.w.z. dat hij met liefde, en zorg, en tederheid, de ander draagt en tot nieuw leven brengt.

En ‘die ander’ is dan op de eerste plaats: Jezus. En tegelijkertijd is die ander: de medemens.

Broeder Gerard, dit zijn enkele trekken uit de franciscaanse spiritualiteit die inspiratie kunnen geven aan de priester, - maar ook aan alle christenen, - om onder vele vormen het priester-zijn vruchtbaar te beleven.

Ik denk, ik ben er zeker van, dat jij ook in alle stilte zulk leven betracht.

Moge Franciscus u, op deze jubileumdag van uw priesterschap, willen zegenen met de zegen die Clara zo lief was, en die luidt: Moge de Heer altijd bij u zijn, en gij altijd bij Hem.

Uit VOX  Minorum jg. 65, nr. 3, juli - september 2011

 

 Gouden priesterjubileum Toon van de Velden (3-4 september)

Over het gouden priesterjubileum van Toon van de Velden bereikte ons geen geschreven verslag. Maar een ‘ooggetuige’ wist te melden dat er op zaterdagavond een mooie eucharistieviering plaats had in de kraaknette paterskerk van de St.Antoniusparochie. Pastoor Toon ging voor, pater Paul sprak waarderende woorden en de verschillende koren van de parochie zetten hun beste beentje (= stem) voor. De ballonnen en bloemen en de woorden van waardering en de hele overvloedige receptie lieten aanvoelen dat onze medebroeder Toon erg gewaardeerd wordt in de parochie.

Dezelfde ooggetuige wist te melden dat hiermee het feest niet ten einde was. Want na de hoogmis op zondagmorgen zaten de medebroeders, de broers en zussen van Toon en zijn naaste medewerkers van het parochieteam en de kerkfabriek aan een feestdis in de refter-living van de fraterniteit.

Er werd gevierd met een dankbaar hart, en ook Toon was dankbaar.

Want op een kaartje schreef hij enkele dagen later:

Lieve mensen,

om de feestelijkheden rond mijn

GOUDEN PRIESTERJUBILEUM

af te ronden zeg ik heel gemeend

DANKJEWEL

voor de inzet van de voortrekkers en hun helpers,

voor de samenzang van onze koren

voor de hapjes en de drankjes

voor de gelukwensen en de bloemen,

voor de (mis)wijn en de kaarten…

ook voor de “ballonkaartjes”,

die –vaak met een lieve wens –

werden teruggestuurd uit mijn vaderland.

Deze misschien maar kleine dingen

zorgden ervoor dat 3 september

voor mij een onvergetelijke dag zal blijven,

waaraan ik nog vaak

“met een dankbaar hart”

terug zal denken.

Ook namens mijn familie:

“Hartelijk dank voor alles!”

Van harte,

Pater Toon

 

Uit VOX  Minorum jg. 65, nr. 3, juli - september 2011 

 

4) Gouden priesterjubileum van pater Boni Van Looveren

Of zie ook reportage op www.parochie-olv-middelares-ieper.be

Gelezen op de uitnodigingskaart:

Wij danken en vieren zijn priesterschap
 waarin hij, met Jezus als inspirerende kracht,
 en met Franciscus van Assisi als voorbeeld,
 getuigt van Gods liefde.
 Wij vieren dat wij pinkstermensen zijn
 en dat wij, rond onze pastoor, kring willen vormen
 en samen van Gods grote daden willen spreken.

 

FOTOREPORTAGE

a) Eucharistieviering

   
         
 

 
         
 

 
         

 

 

         
   

         
   
         
   
         
b) Academische zitting
   gevolgd  door receptie
       
   
         

 

 
         
c) Feestmaaltijd        
   
         

   
         
   

   
         

Tijdens de feestmaaltijd werd volgend lied gezongen
op de melodie van het lied: "Bedankt lieve ouders" van vader Abraham

Bedankt pater Boni, bedankt voor uw zegen.
Bedankt pater Boni voor wat u ons hebt gegeven.
We begrijpen zeer goed wat u voor ons hebt gedaan.
Dank God dat zo’n priester in ons parochie mocht staan.
 

Uit het verre Congo naar hier
zeker niet voor zijn plezier
kwam pater Boni naar Ieper gevlogen.
Leerde de Westhoekse taal
kwam zo vlug op verhaal
begon dan preken in duid’lijk drie puntjes.
Hij  bracht Fransicus nabij
soms pater Pio in pij,
jongeren leerden weer wat te geloven
toen werd alles weer fijn
we moeten er dankbaar voor zijn
de parochie nu groot maar eens was ze klein.

 

Bedankt pater Boni, bedankt voor uw zegen.
Bedankt pater Boni voor wat u ons hebt gegeven.
We begrijpen zeer goed wat u voor ons hebt gedaan.
Dank God dat zo’n priester in ons parochie mocht staan.
 

Jij bent de zieken nabij
en maakt bedroefden weer blij
de deur van je huis staat steeds open.
De koffie smaakt wel eens zoet
maar dat maakt gesprekken zo goed,
iedereen moet wel van je gaan houden.
De leken tellen steeds mee
zo zijn z’in ‘t bisdom tevree,
de pastoraal draait dan op volle toeren.
En speelt Cercle niet thuis
dan zit jij stil voor de buis
en als ze scoren weerklinkt een gedruis.
 

Bedankt pater Boni, bedankt voor uw zegen.
Bedankt pater Boni voor wat u ons hebt gegeven.
We begrijpen zeer goed wat u voor ons hebt gedaan.
Dank God dat zo’n priester in ons parochie mocht staan.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Gouden priesterjubileum pater Arnold Dominiek Desplentere

klikken op "Wat voorbij is" nr 56

Gouden priesterjubileum van pater Georges Verhaeghe

klikken op "Wat voorbij is" nr 57

 

Goud voor broeder Xavier

Uit Vox Minorum, jg. 64, nr. 2,  april - juni 2013

In de Hoogstraatse Maand van juni 2013 lazen wij het volgende artikel:

Goud voor broeder Xavier

MEERSEL-DREEF - Broeder Xavier heeft op zaterdag 18 mei 2013 zijn gouden kloosterjubi­leum gevierd, met een dankmis en een receptie. Geboren als François Janssens in 1929, besloot hij, godvruchtig van aard, ten rade te gaan bij de Paters Kapucijnen op de Ossenmarkt in Antwer­pen. Het besluit was genomen. Na rijp overleg belde hij aan bij de paters in Edingen waar hij zijn voorbereiding op het noviciaat begon op Al­lerheiligen 1962. Een mooie dag om een nieuw leven naar eigen heiligheid te beginnen.

Op 18 mei 1963 sprak hij aldaar in aanwezig­heid van familie, vrienden en medebroeders zijn gelofte van trouw aan de orde uit.

Nu begint een nieuwe leven als echte klooster­ling ten dienst van de orde, de kerk en de mede­broeders naar het voorbeeld van St. Franciscus. Zijn eerste benoeming brengt hem naar Izegem. Als nederige broeder krijgt hij de taak te zorgen voor de refter: de refter klaar zetten, de vaatwas doen en netjes in de kasten schikken, zorgen dat de refter altijd proper is en verder hulpje in de keuken. Een nederige huistaak in dienst van de medebroeders. Daarbij komen er nog aller­hande karweitjes zodat na verloop van tijd zijn dagen te kort zijn. Op 12 juli 1966 krijgt hij een nieuwe benoeming, ditmaal dichter bij huis nl. Meersel-Dreef waar hij de taak opneemt van Bedelbroeder.

Op zijn bedeltoer leerde hij bijna alle mensen kennen in heel groot Hoogstraten en ver daarbui­ten. Altijd droeg hij zijn habijt, alleen zijn jongere haarbos van toen had iets meer kleur waardoor hij overal gekend was als "Den Rosse Broeder."

De jaren komen en gaan.

Elke ochtend begint hij zijn dag nu met een wan­deling in het Mariapark in zijn zitscootertje met het nu al legendarische nummerplaat X-A-4. Het gaat allemaal wel wat trager maar hij komt er wel. Dagen, weken en maanden volgen elkaar op en dan staat Broeder Xavier daar ineens voor zijn gouden kloosterjubileum.

Zowel de kloostergemeenschap als heel Meersel­Dreef is hem dankbaar voor alles, en wensen en hopen dat hij hier nog vele jaren bij ons mag blijven. (JJ)

 

 

GOUD VOOR BROEDER HUGO - BROEDER KLAAS - BROEDER PAUL en BROEDER NORBERT
 

Jubileum 50 jaar priester van de medebroeders: Hugo, Klaas, Norbert en Paul.
Gevierd te Brugge Boeverie in de gemeenschap van de broeders op dinsdag 16 juli 2013. 

   
 

Hugo Gerard en Paul Segers

 

Norbert Maertens en Klaas Blijlevens

1) Chronogram 

2013: Voor gouden priesterjubileum van Klaas, Albaan (Norbert), Gratiaan (Paul) en Otto (Hugo).

 

NICOLAVS,  ALBANVS, GRATIANVS  OTTOQVE,

ISTI  QVATVOR  DENIQVE  SVPERVIVENTES,

QVINQVAGINTA  ANNISQVE  LABORANT  VTROQVE:

PRIVS  SACERDOTALITER  SE  EXERCENTES,

AC  IN  TANTIS  SERVITIIS  ALITER  QVOQVE.

EXIN,  GRATIAS  ISTIS  SACRATIS  FOVENTES,

FRATERNEQVE,  FESTIVITER,  FESTINATOQVE!

IVBILANTES  AVRARII  FRVGIPARENTES

Nl  SVNT  VERBO  TENVSQVE, NI  GRATVITOQVE.

 
 

 

Klaas, Albaan, Gratiaan en Otto / die vier die uiteindelijk overleefden /
hebben vijftig jaar van alles gedaan /
voor alles als priester hebben ze hun best gedaan /
maar ook op andere manier in talrijke dienstbaarheden /
daarom worden ze, die gewijde mannen dank gezegd, /
en genieten ervan broederlijk, feestelijk en met haastige graagte /
gouden jubilarissen die de feestvruchten plukken /
zijn het: niet slechts met woorden noch zonder reden.

 

 

 2) LAUDATIO

Klaas, als eerste, want je bent de gardiaan,
de hoeder van de broeders in dit klooster.
Het gewicht van ‘t leven, zo ver weg vandaan
jouw thuisland, was je zeker toch geen rooster...

Tweede in de rij, Norbert, nog flink en sterk,
na jaren in de Pakistaanse missie,
zorgde pastoraal in d’ Izegemse kerk,
en ‘t Pandje, maar ziet uit naar zijn demissie

 En op drie staat Pol, die is in Aalst pastoor,
na jaren missiewerk in ‘t verre Oosten,
werkt hij, klein maar dapper, toch nog altijd door
om lichamen en zielen te vertroosten.

 Aan het eind komt ook nog Otto om de hoek:
Hij werkte voor Europa al die jaren,
ook een beetje voor de orde, en op zoek
naar een houvast bij ‘t vallen van de blaren. 

3) Uitleg van de chronogram, regel per regel. 

Nicolaus, Albanus, Gratianus Ottoque 

Vandaag vieren we hier in de Boeverie samen het jubileumfeest: feest van Klaas en
van wat er rest van een in onze ogen wat grotere koers, Albaan, Gratiaan en Otto. 

isti quatuor denique superviventes . . .(die een plus drie die overleefden)
De oorspronkelijke Vlaamse groep was iets groter dan de drie Vlamingen dîenu nog overschieten.
Pius (John Derde) en Jaak (Boone) wipten er in het begin al vandoor engingen in de wereld hun heil en geluk zoeken.
Werenfried ( Luc Hessel) trok er veellater uit, na een lange zoektocht naar een religieus leven geïntegreerd in de wereld;
na al die tijd blijkt dat vooral die wereld is over gebleven.
Maar drie van onze koers zijn helaas ook al gestorven.
Vanuit de hemel vieren ze hopelijk mee. Frank (Vanderlinden), lesgever en jeugdproost in Izegem, Achiel (Depauw) na een korte missionaris-periode lange tijd als toegewijd aalmoezenier aan een instituut voor chronische zieken en ook Fiel (Vandersteen) die na een mooi missionarisleven ziek terugkwam, een lieve, toegewijde medebroeder die toch nog zorgde voor zijn Herentalse medebroeders..

Wij, we zijn dus de drie overlevenden als het ware. De gelukkigen die nogniet echt helemaal versleten zijn en zelfs nog dapper aan het werk...

 Quinquaginta annisque laborant utroque: (vijftig jaar met van alles bezig)
Want wij, Klaas, Norbert, Pol en Hugo, zijn inderdaad al vijftig aan het werk geweest. Utroque wil zeggen “op allerlei gebied”, van alles wat. De een vloog er directin en de ander moest nog een tijdje studeren. Maar stil hebben we niet gezeten.
En ook, we zijn niet alleen priester, maar op de eerste plaats ook broeders kapucijnen en als zodanig worden we overal bij betrokken en wordt er beroep op ons gedaan.

 prius sacerdotaliter se exercentes (vooreerst hebben ze als priester gewerkt)

 Maar vandaag worden we gevierd eerst en boven alles wel als priester-religieus.
Daarom ook jubileren we, vieren wij 50 jaren priesterschap.
Klaas: was een groot deel van zijn tijd, als geestelijk medewerker in een psychiatrisch instituut in leper, maar ook als hulp in de parochie, en verder in tal van plekken in het Vlaamse land, als spreker over Ruusbroek en andere geestelijke dingen; en nu vandaag is hij de leider van onze broederschap.
Pol, na zijn missionarisleven in Pakistan, vond nadien zijn weg in de parochie van ons Aalsters klooster. Hij schiet daar ondertussen moederziel alleen over.Albaan heeft vooral in de missie van Pakistan grondleggend werk geleverd, vooral naar het einde toe als begeleider van de jonge Pakistaanse medebroeders, en is vandaag actief in het Pandje te Izegem.
Ikzelf was de uitzondering op Ryckevelde.
We hebben allen meegeleefd met de mensen die hun weg zoeken in deze periode van de overgang naar de moderniteit. Om in de tijd van het in verval geraken van een door de maatschappij erkende en geëerde godsdîenst, vandaag een pad te vinden naar een meer individuele zoektocht naar God die met ons mee gaat.

 ac in tantis servitiis aliter quoque (en in allerlei ander dienstwerk eveneens)

Ja, we zijn ook, in zoveel andere diensten, kloosterlijke en andere actief geweest. Ieder van ons volgde zijn eigen weg, naar gelang zijn talenten en bekwaamheden. Zoals ikzelf, in de schaduw van Antonius, de tijdsevolutie volgde, de weg naar een verenigd Europa en we probeerden daar de stem van het Evangelie te laten meeklinken. En voor de drie anderen is zeker ook een hele lijst op te stellen waarinze hun broederlijke plichten deden.

 exin, gratias istis sacratis foventes (daarom zijn die gewijden dank gezegd)
fraterneque, festiviter, festinatoque
(broedelijk, feestelijk en haastig)

 En zo wordt, bij deze, dank gezegd aan ons, die gewijde mannen die echter ook maar heel gewone broeders zijn, maar bij deze gelegenheid “fraterneque”, op een sympathieke broederlijke wijze dus, en “festiviter” op een feestelijke manier.Want wat zou het leven zijn als we nooit eens de bloemetjes mogen buitenzetten? Maar het is ook “festinatoque”, met een zekere haastigheid. Want jubilees zijn snel voorbij en vergeten, en we willen bovendien niet tot overmorgen of nog langer weeral in de kijker staan.

 iubilantes aurarii frugiparentes (gouden jubilarissen, die de vruchten plukken)
ni sunt verbo tenusque, ni gratuitoque
(niet zonder woorden niet zonder reden) 

Maar vandaag zijn we wel jubilarissen. Gouden jubilarissen, want dat zijn we dus nu: en beetje oud, want al vijftig jaar in actieve dienst, mannen die nu even de vruchten mogen plukken van een lang en werkzaam leven, en voor een keer is dat niet alleen met woorden en evenmin zonder reden. 

4) Fotoreportage 

   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   

5) Eucharistieviering

 Met als thema:

“Verkenners van het Beloofde Land”   (eerste lezing)
en “Verkondigers van de Blijde Boodschap”  (evangelie)

 Numeri  13 + 14

De joden waren bijna aan het einde van hun woestijntocht gekomen.
Zij waren de woestijnvlakte van Paran doorgetrokken en legerden zich nu in een kleine oase, valk bij het land Kanaan.
Daarom zond Mozes 12 mannen uit, één uit elke stam, om het beloofde land te gaan verkennen.
Onder hen was Jozua, zijn helper.

Zij trokken dus in de richting van Kanaan en begonnen het van alle kanten te doorkruisen. Pas na 40 dagen keerden ze terug en brachten verslag uit aan heel het volk.

Jozua en Kaleb, twee van de 12 verkenners, zeiden:
"Wij zijn tot op de bergen en in de dalen van het land geweest.
je kan zeggen dat ht overvloeit van melk en honing.
Kijk maar naar het mooie fruit dat we daar geplukt hebben,
druiventrossen die je met 2 man aan een stok moet dragen.
Ze komt uit dal Eskol, vertaald betekent die naam: druventros.

De 10 andere verkenners zeiden er nog bij: "Maar er wonen daar ook mensen die zo groot zijn als reuzen.
Ze kijken o ons neer als sprinkhanen.
Rond hun steden hebben ze hoge muren gebouwd. Die nemen we nooit in."

Kaleb zag dat het volk bij deze woorden ontmoedigd werd.
Daarom sprakk hij het volk nogmaals toe en zei, dat ze niet moesten vrezen.
Hij wilde hen bemoedigen, "Wij kunnen ons gerust gereed maken om dat land te veroveren.", zo zei hij,
"we kunnen het zeker aan."

Maar de mensen waren bang geworden door dat verhaal van de 10 ander verkenners.
Verbitterd morden ze tegen God: "Jahweh jaagt ons op tegen dat land om ons er te doen sneuvelen.
Ze nemen ons daar vrouw en kinderen af.
We doen er beter aan terug te keren naar Egypte."

Ze begonnen zelfs te bedisselen wie ze als aanvoerder zouden kiezen om hen de hele weg terug te voeren naar Egypte,
waar God hen uit bevrijd had.

Toen koos Jozua de zijde van Kaleb en hij bevestigde zijn woorden door te zeggen:
"Het land waar we doorheen getrokken zijn, is prachtig.
Als de Heer ons goed gezind is, dan voert Hij ons dat vruchtbare land binnen.
Ja, Hij zal het ons in handen geven.
Kom daaron niet in opstand tegen Hem.
Wees niet bang.
Eens zullen wij het beloofde land binnentrekken."

 

Evangelielezing:  Jo. 15

 Tijdens het Laatste Avondmaal sprak Jezus tot zijn leerlingen:

Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijnbouwer.
Elke dorre rank snijdt hij van mij af.
De vruchtdragende ranken snoeit hij bij.
Hij zuivert ze om ze nog meer vrucht te laten dragen.
Jullie zijn al gezuiverd door de boodschap die ik jullie gebracht heb.

Blijf met mij verbonden, dan blijf ik het met jullie.
Een rank kan alleen maar vrucht dragen als hij met de wijnstok verbonden is, los niet.
Zo kunnen ook jullie alleen maar vrucht dragen als je met mij verbonden bent.

Ik ben de wijnstok, jullie zijn de ranken.
Als iemand met mij verbonden blijft en ik met hem, dan zal hij veel vrucht dragen:
los van mij zijn jullie tot niets in staat.
Wie niet met mij verbonden blijft, wordt weggegooid als een dorre rank.

Zulke ranken worden bij elkaar geharkt en in het vuur gegooid waarin ze verbranden.

Als jullie in mij blijven en als jullie mijn woorden in gedachte houden,
kun je alles vragen wat je wilt en je zult het krijgen.
Het is de glorie van mijn Vader als je veel vrucht draagt enb zo toont dat je mijn leerlingen bent.

Ik heb jullie lief zoals de Vader mij liefheeft.
Zorg dat ik van je kan blijven houden.
Als jujllie mijn geboden in acht nemen, blijf ik van je houden,
zoals ik de geboden van mijn Vader in acht neem en hij van mij blijft houden.

Met wat ik jullie heb gezegd, wil ik mijn blijde boodschap op jullie overbrengen.
Dan zal jullie blijdschap volmaakt zijn.
Mijn opdracht aan jullie is deze: heb elkaar lief zoals ik jullie heb liefgehad.

6) Aandenken

 
JUBILEUMVIERING BROEDER KLAAS BLIJLEVENS op 4 augustus 2013 te Ieper
 

VIERING BROEDER KLAAS BLIJLEVENS

 Op zondag 4 augustus werd broeder Klaas die in 2013 een sterrenjaar kende, gevierd.

In 2013

* werd hij 75 jaar
* werd hij 50 jaar priester
* en kwam zijn derde boek uit over Ruusbroec.

Om 10 uur waren met velen in de kerk om dankbaar eucharistie te vieren. Na de eucharistieviering ging het traditionele orgelbespeling door in de kerk met presentatie van zijn derde boek. In een zeer gezellige receptie hebben vele mensen elkaar ontmoet en kon men het boek kopen met als titel “God op bezoek”   Over Ruusbroec en zijn meesterwerk laten signeren.

Daarna konden de genodigden aanschuiven aan een heerlijke feestmaaltijd.

 De fotoreportage spreekt voor zichzelf.

Eucharistieviering

     
         
     
 
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
   
       
     
       
 

Orgelbespeling door Ludo Geloen,
voorstelling door br. Klaas van zijn derde boek
met illustratie beeld Emmausgangers van kunstenaar Marc Maes

   
   
       
 

Receptie in de tuin van Franciscushuyze:

   
   
       
     
       
 

Feestmaaltijd:

   
   
       
   
       
       
   
 
 
JUBILEUM  BR  PAUL SEGHERS

Op zondag 14 juli vierde onze medebroeder Paul Seghers, pastoor sint-antoniuspaorchie te aalst zijn gouden priesterjubileum in parochiegemeenschap.

De fotoreportage spreekt voor zichzelf.

   
       
   
       
   
       
   
 
GOUDEN PRIESTERJUBILEUM BROEDERS IN 1964 GEWIJD
Overgenomen uit VOX jg. 3, juli-september 2014

Op 14 juli 2014 vierden de medebroeders die in 1964 priester gewijd werden hun gouden jubileum. Alleen onze medebroeder Stan Teuns kon er niet bij zijn wegens ziekte.
Het werd een eenvoudige, broederlijke en mooie dag. Alleen de gemeenschap van Herentals, de (schoon)broers en (schoon)zusters van de jubilarissen (Jan Geerts, Leopold Evens en Jan Wouters) waren aanwezig, alsook ons personeel dat voor het middagmaal zorgden, opdienden en voor de vaat zorgden.
Om 11 u. begonnen we met een stemmige eucharistieviering, voorgegaan door de jubilarissen en intens meegevierd door de aanwezigen. Br. Adri Geerts zorgde voor een mooie homilie, waarin hij de feestelingen plaatste in hun franciscaanse broederschap van waaruit zij naar de medemensen gingen en nog gaan.
Na de eucharistieviering volgde een aperitiefje natuurlijk. En dan schoven we aan tafel voor een eenvoudig maar heerlijk feestmaal, aangeboden door onze eigen kok Lucette en echtgenoot en gebracht door de andere personeelsleden.
Ondertussen werd de jubilarissen de lof toegezwaaid door onze vicaris Paul Paternoster en onze provinciaal Gust Koyen. Toon Van De Velde deed dit met een eigen humoristisch tekst, gezongen op de wijze van ‘Te Lourdes’.
De medebroeders bleven niet onbetuigd en zongen ook nog een potpourri van liederen van vijftig jaar geleden, enthousiast meegezongen door de broers en zussen van de jubilarissen. Het werd even moeilijk om rond vier uur het heel gezellig en deugddoend samenzijn een halt toe te roepen.
Uit de vele reacties daarna hoorden we dat het een zeer geslaagde dag was, niet alleen voor de jubilarissen en hun medebroeders, maar ook voor de naaste familie en het personeel.
Met dank aan allen die dit mede waar gemaakt hebben.